banner-9

De kostprijs van het starten van een procedure voor de rechtbank

Vanaf 1 juni 2015 werden de rolrechten hervormd. Rolrechten zijn de belastingen die betaald moeten worden bij het inschrijven van een zaak op de agenda van de rechtbank.

Om een zaak op rol te kunnen stellen dient een eisende partij een pro-fiscoverklaring te voegen bij de akte die op de rol moet ingeschreven worden. In die verklaring schat zij de waarde van de definitieve vordering of stelt zij dat de vordering niet in geld waardeerbaar is.

Dit rolrecht vertegenwoordigt de aanmaakkosten voor de aanleg van het dossier op de rechtbank met toekenning van een formeel rolnummer.

De hervorming vertrekt van vier tariefstelsels :

  • Een algemeen tarief voor de burgerlijke rechtbanken verschuldigd per eisende partij en die wijzigt naargelang de aard van de rechtbank, de aanleg en de waarde van de vordering. Hieronder vallen de meeste burgerlijke rechtszaken.
  • Een bijzonder stelsel voor de arbeidsrechtbanken en de fiscale kamers, namelijk een vrijstelling (tot 250.000 euro) of algemeen tarief wijzigend naargelang van de aanleg of de waarde van de vordering (boven de 250.000 euro)
  • Een voorkeurtarief voor de familierechtbanken, zijnde een eenvormig en verminderd recht ongeacht de waarde van de vordering en het aantal eisende partijen
  • Een enig rolrecht van 1.000 euro voor het inleiden van een procedure van gerechtelijke reorganisatie met betrekking tot de continuïteit van de ondernemingen

Het rolrecht is verschuldigd per eisende partij.

Het algemeen rolrecht is verschuldigd en wordt bepaald en betaald per eisende partij.

Wanneer een vordering wordt ingesteld door twee of meer eisende partijen, wordt het rolrecht geheven in hoofde van iedere eisende partij omdat zij elk een persoonlijk belang hebben te vrijwaren.

De pro-fiscoverklaring

Door iedere eiser dient een pro-fiscoverklaring te worden ingevuld met de waarde van de vordering. Deze verklaring pro fisco is verplicht. Indien deze verklaring niet is bijgevoegd bij de akte en het rolrecht is niet betaald, kan de akte niet worden ingeschreven op een rol.

Voor alle duidelijkheid : het gaat om de schatting van de waarde van zijn definitieve vorderingzoals bepaald in artikel 557 Gerechtelijk Wetboek (hoofdvordering met vervallen intresten zonder de gerechtelijke intresten, kosten of dwangsommen) of de vermelding dat de vordering niet in geld waardeerbaar is. De vordering om een andere te dwingen documenten af te geven is bijvoorbeeld niet in geld waardeerbaar.

Wanneer de hoofdvordering niet in geld waardeerbaar is, dan is de laagste schijf volgens de aard van de rechtbank van toepassing.

Algemeen tarief in burgerlijke zaken

De tarieven in het meest gebruikelijke tariefstelsel van burgerlijke zaken vindt u via deze link.